ECLI:NL:PHR:2012:BV2369
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwikkeling samenwerkingsovereenkomst na ontbinding en bewijslevering administratie
Eisers, handelend als De Ascendant V.o.F., en verweerders, handelend als Ega Wen V.o.F., waren partners in een samenwerking voor de exploitatie van een winkel in esoterische producten. Na ontbinding van de samenwerking nam Ega Wen de administratie mee, waarna De Ascendant de toegang tot de winkel ontzegde en de exploitatie voortzette.
Ega Wen vorderde ontbinding van de samenwerking en betaling van afrekening en schadevergoeding. De Ascendant vorderde in reconventie afgifte van de administratie, waaronder kassarollen. De rechtbank wees de vorderingen van De Ascendant af en wees die van Ega Wen toe. Het hof bekrachtigde dit oordeel grotendeels, waarbij het vaststelde dat de kassarollen verloren waren gegaan en afgifte daarvan niet mogelijk was.
De Ascendant stelde in cassatie dat het hof het recht op een eerlijk proces had geschonden door niet aan te nemen dat Ega Wen willens en wetens bewijs achterhield. De Hoge Raad verwierp dit verweer, oordeelde dat het hof voldoende gemotiveerd had geoordeeld dat de administratie ter griffie was gedeponeerd en dat De Ascendant daarvan kennis kon nemen. De vaststelling dat de kassarollen verloren zijn gegaan was niet onbegrijpelijk, mede gelet op verklaringen en bewijsstukken in het geding.
De Hoge Raad concludeerde dat het cassatieberoep faalt en bevestigde het oordeel van het hof, waarmee de vorderingen van De Ascendant werden afgewezen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van De Ascendant wordt verworpen en het arrest van het hof bekrachtigd.