ECLI:NL:PHR:2012:BU9889
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitleg hoofdzakelijkheidscriterium werkingssfeerbepalingen Metalektro-CAO's
Deze zaak betreft de uitleg van de werkingssfeerbepalingen in de Metalektro-CAO's en de verplichtstellingsbeschikking, in het bijzonder het begrip 'in hoofdzaak' bij de toepassing van het hoofdzakelijkheidscriterium. Vector Aandrijftechniek B.V. voerde aan dat de CAO's en verplichtstellingsbeschikking niet op haar van toepassing zijn, omdat zij niet hoofdzakelijk het bedrijf van be- en/of verwerken van metalen uitoefent.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of bij de bepaling van de werkingssfeer ook de arbeidsuren van indirecte werknemers (ondersteuning en overhead) moeten worden meegeteld naast die van directe werknemers die fysieke handelingen met metaal verrichten. Het hof had geoordeeld dat alleen de directe werknemers meetellen, wat door Vector werd aangevochten.
De Hoge Raad overwoog dat de werkingssfeerbepalingen objectief moeten worden uitgelegd aan de hand van de bewoordingen, die verwijzen naar fysieke handelingen met metaal als kenmerkende bedrijfsactiviteiten. Indirecte werknemers behoren niet tot deze activiteiten en worden daarom niet meegeteld bij de beoordeling of een onderneming in hoofdzaak Metalektro-activiteiten verricht.
Verschillende benaderingen werden besproken, waarbij de Hoge Raad de voorkeur gaf aan de benadering die alleen directe werknemers meetelt. De conclusie is dat het hof het criterium onjuist heeft toegepast door indirecte werknemers in de noemer van de verhouding mee te nemen zonder onderscheid te maken. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug voor hernieuwde beoordeling.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest en verwijst zaak terug voor hernieuwde beoordeling van de werkingssfeer van de Metalektro-CAO's met toepassing van het juiste hoofdzakelijkheidscriterium.