ECLI:NL:PHR:2012:BU7245
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over eisen aan aanbod van tegenbewijs in hoger beroep bij huurgeschil over overlast
In deze zaak huurde eiser sinds 1999 een onzelfstandige woning van SLS Wonen. Na klachten over vermeende overlast stelde SLS in 2006 een vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst in. De kantonrechter wees de vordering toe nadat SLS bewijs had geleverd en eiser afzag van contra-enquête. In hoger beroep bood eiser tegenbewijs aan door het horen van getuigen die in eerste aanleg niet beschikbaar waren, maar het hof wees dit aanbod af wegens onvoldoende specificatie.
De Hoge Raad stelt vast dat een aanbod van tegenbewijs in beginsel niet gespecificeerd hoeft te zijn en dat het hof ten onrechte nadere toelichting van het bewijsaanbod heeft verlangd. Ook het feit dat in eerste aanleg geen getuigen werden gehoord, maakt dit niet anders. Het hof had het bewijsaanbod niet mogen passeren op grond van vaagheid.
De Hoge Raad benadrukt dat de stellingen waarop het tegenbewijs betrekking heeft wel voldoende gemotiveerd betwist moeten zijn. In deze zaak bestonden de stellingen vooral uit algemene beschuldigingen van overlast, die in algemene termen kunnen worden weersproken. Daarom is geen verdere precisering van het bewijsaanbod vereist.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling. Hiermee wordt bevestigd dat het hoger beroep ook kan dienen om eerdere verzuimen te herstellen en dat een te strenge eis aan de precisering van een bewijsaanbod niet verenigbaar is met het recht op een eerlijk proces.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd omdat het ten onrechte het aanbod van tegenbewijs als te vaag heeft gepasseerd.