ECLI:NL:PHR:2012:BR0707
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt rechtmatigheid directe kostenverrekening rioolrecht 2006 gemeente Nijmegen
De zaak betreft een geschil over de Verordening Rioolrecht 2006 van de gemeente Nijmegen, waarbij belanghebbende bezwaar maakte tegen een aanslag rioolrecht. De kern van het geschil was of de gemeente de investeringen voor vervanging en aanpassing van het rioolstelsel in 2006 in één keer ten laste van dat jaar mocht brengen, dan wel dat deze kosten geactiveerd en afgeschreven moesten worden over meerdere jaren.
De Rechtbank Arnhem oordeelde dat afschrijving verplicht was en dat de geraamde baten de lasten ruimschoots overtroffen, waardoor de verordening onverbindend was. Het Gerechtshof Arnhem vernietigde dit oordeel en stelde dat de gemeenteraad beleidsvrijheid heeft bij de toerekening van kosten en dat de directe lasten in 2006 toereikend waren om de kosten te dekken.
De Hoge Raad bevestigt het oordeel van het Hof dat de belastingrechter terughoudend moet zijn in het toetsen van gemeentelijk begrotingsbeleid, maar dat wel grondig getoetst moet worden of aan hogere regelgeving, zoals het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), wordt voldaan. De Hoge Raad oordeelt dat de investeringen in kwestie vervangingsinvesteringen zijn zonder economisch nut in de zin van het BBV, zodat activering en afschrijving niet verplicht zijn. Daarmee is de Verordening Rioolrecht 2006 geldig en de aanslag terecht opgelegd.
De Hoge Raad benadrukt dat de gemeente beleidsvrijheid heeft bij de kostentoerekening, mits niet in strijd met hogere regelgeving, en dat de belastingrechter niet mag ingrijpen op basis van interne gemeentelijke richtlijnen tenzij strijd met hogere regels is vastgesteld. Ook bevestigt de Hoge Raad dat rioolrechten als bijdragen van derden kunnen worden aangemerkt en in mindering gebracht indien activering zou plaatsvinden. Het incidentele hoger beroep van belanghebbende wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart het cassatieberoep ongegrond en bevestigt dat de gemeente Nijmegen de rioolinvesteringen in 2006 direct ten laste mocht brengen zonder activering en afschrijving.