ECLI:NL:PHR:2011:BQ8089
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring in hoger beroep wegens niet dienen van memorie van grieven
Eiseres kwam in hoger beroep tegen een vonnis van de rechtbank Amsterdam. Het gerechtshof verklaarde haar niet-ontvankelijk omdat zij geen memorie van grieven had genomen, een vereiste voor ontvankelijkheid in hoger beroep.
Eiseres stelde in cassatie dat zij de memorie van grieven wel tijdig had ingediend via fax, ondersteund door een verzendcontrolerapport en telefonisch contact met het hof. Echter, het faxbericht bevatte geen voorblad en het verzendrapport vermeldde niet welke stukken waren verzonden. Bovendien ontbrak elk bewijs van ontvangst bij het hof, en was er geen telefoonnotitie van het vermeende contact.
De rolkaart van het hof toonde dat eiseres geen memorie van grieven had genomen op de rolzitting, waarna het hof op verzoek van verweerder een akte van niet dienen verleende. De Hoge Raad concludeerde dat er geen feitelijke grondslag was voor de stellingen van eiseres en verwierp het cassatieberoep op grond van art. 81 RO Pro.
Hierdoor blijft het arrest van het hof Amsterdam van 6 april 2010 in stand, waarin eiseres niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het niet dienen van grieven.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het hof verklaarde eiseres niet-ontvankelijk wegens het niet dienen van grieven.