ECLI:NL:PHR:2011:BQ2215
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontbinding huurovereenkomst en veroordeling tot betaling achterstallige huur
De zaak betreft een cassatieberoep van eiseres tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam waarin het hof het vonnis van de rechtbank Amsterdam heeft bekrachtigd. Dit vonnis betrof de ontbinding van een huurovereenkomst met betrekking tot een woning en de veroordeling van eiseres tot betaling van achterstallige huurtermijnen, contractuele rente en boete aan verweerster.
Eiseres stelde dat zij met het overleggen van kopieën van kwitanties voldoende bewijs had geleverd van betaling van de huurpenningen, behoudens tegenbewijs. Het hof oordeelde echter dat eiseres onvoldoende had onderbouwd dat de kwitanties authentiek waren, mede omdat zij de originele kwitanties niet had overgelegd en verweerster gemotiveerd had betwist dat zij deze had ondertekend.
De Hoge Raad concludeert dat de klachten van eiseres niet tot cassatie kunnen leiden. Het hof heeft het bewijsaanbod van eiseres terecht verworpen omdat de stelling dat verweerster het geld kwam ophalen en kwitanties tekende onvoldoende concreet was. Het cassatieberoep wordt daarom verworpen met toepassing van artikel 81 RO Pro.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest dat de ontbinding van de huurovereenkomst bevestigt en eiseres veroordeelt tot betaling van achterstallige huur, rente en boete blijft in stand.