ECLI:NL:PHR:2011:BP9995
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Executiegeschil over ontruimingsvonnis woonwagenstandplaats en toetsing misbruik executiebevoegdheid
In deze zaak staat een executiegeschil centraal over een ontruimingsvonnis dat de gemeente Drimmelen uitvoerbaar bij voorraad verklaard heeft. De huurovereenkomst betrof een woonwagenstandplaats die door betrokkene 1 werd gehuurd. Eiseres, die aanvankelijk zelf huurder was maar de standplaats had verlaten, woonde later met haar dochtertje in de woonwagen van betrokkene 1.
De kantonrechter had de huurovereenkomst ontbonden en betrokkene 1 veroordeeld tot ontruiming van de standplaats. Eiseres verzocht in kort geding om een verbod op ontruiming, maar dit werd afgewezen. Het hof bekrachtigde dit vonnis in hoger beroep. Eiseres kwam vervolgens in cassatie tegen het arrest van het hof.
Het cassatiemiddel betrof onder meer de vraag of de algemene beginselen van behoorlijk bestuur van toepassing zijn op de executie door een bestuursorgaan en of de gemeente misbruik heeft gemaakt van haar executiebevoegdheid. De Hoge Raad oordeelde dat in executiegeschillen over een uitvoerbaar bij voorraad verklaard ontruimingsvonnis de rechter slechts de toelaatbaarheid van de wijze van executie mag toetsen aan de hand van het misbruikcriterium. De stellingen van eiseres leidden niet tot de conclusie dat de gemeente misbruik heeft gemaakt. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het ontruimingsvonnis blijft uitvoerbaar.