ECLI:NL:PHR:2011:BO5762
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling draagkracht en alimentatieverplichting na inkomensverlies en nieuwe gezinssituatie
In deze zaak staat de vaststelling van de kinderalimentatie centraal, waarbij de draagkracht van de man als onderhoudsplichtige wordt beoordeeld. Partijen zijn gescheiden en hebben een minderjarig kind. De man heeft een inkomensverlies geleden door ontslag, en woont samen met een nieuwe partner. De vraag is in hoeverre dit inkomensverlies en de nieuwe gezinssituatie invloed hebben op zijn draagkracht en daarmee op de hoogte van de alimentatie.
De rechtbank had een lagere alimentatie vastgesteld, maar het hof stelde deze bij hoger beroep vast op €300 per maand met terugwerkende kracht. De man stelde cassatie in tegen deze beslissing. De Hoge Raad bevestigt dat bij de draagkrachtbeoordeling alle redelijke uitgaven van de onderhoudsplichtige in aanmerking moeten worden genomen, inclusief de lasten van een nieuwe gezinssituatie. Echter, het enkele feit dat de man een nieuwe partner heeft, is onvoldoende om de alimentatie te verlagen.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat het inkomensverlies door ontslag in beginsel moet worden meegenomen als het niet herstelbaar is. In dit geval acht het hof het inkomensverlies herstelbaar omdat de man een eigen bedrijf wil starten en niet voldoende heeft aangetoond dat hij actief solliciteert. De Hoge Raad wijst ook op de wettelijke voorrang van kinderalimentatie boven andere onderhoudsverplichtingen sinds 1 maart 2009. De man had onvoldoende bewijs geleverd dat zijn nieuwe partner niet in haar eigen levensonderhoud kan voorzien. Het hof heeft de juiste maatstaven toegepast en de cassatie wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de man blijft gehouden tot betaling van €300 kinderalimentatie per maand.