ECLI:NL:PHR:2010:BO8484
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen verwijt voor niet-betaling ouderbijdrage tijdens schuldsanering
Partijen zijn gescheiden ouders van twee minderjarige kinderen die na de scheiding bij de moeder zijn blijven wonen. De vader verzocht om aanpassing van zijn kinderalimentatie wegens gewijzigde omstandigheden, waaronder de uithuisplaatsing van de kinderen en zijn verminderde draagkracht. De rechtbank wees dit verzoek af, maar het hof stelde de alimentatie deels vast op basis van de draagkrachtberekening van de vader en het feit dat de kinderen uit huis waren geplaatst.
De moeder had tijdens de schuldsaneringsregeling de ouderbijdrage uit hoofde van de Wet op de Jeugdzorg niet betaald, wat leidde tot het verlies van kinderbijslag. Dit gebeurde met goedvinden van de rechter-commissaris en de bewindvoerder. De vader stelde dat hij niet de dupe mocht worden van deze situatie.
De Hoge Raad overweegt dat een ouder die onder de schuldsaneringsregeling valt, behoudens bijzondere omstandigheden, geen draagkracht heeft om onderhoudsbijdragen te betalen. De moeder kan niet worden verweten dat zij de ouderbijdrage niet betaalde, aangezien dit met toestemming van de betrokken instanties gebeurde. Hierdoor kunnen de niet-betaalde ouderbijdragen niet worden meegenomen bij de bepaling van de behoefte van de kinderen aan levensonderhoud tijdens uithuisplaatsing.
De Hoge Raad vernietigt de bestreden beschikking en bevestigt dat de vader niet gehouden is tot betaling van ouderbijdragen tijdens de periode van schuldsanering, en dat de moeder niet verwijtbaar tekort is geschoten in haar betalingsverplichtingen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking en oordeelt dat de moeder niet verweten kan worden dat zij de ouderbijdrage niet betaalde tijdens de schuldsaneringsregeling.