ECLI:NL:PHR:2010:BN6239
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling en vergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag zonder toepassing standaardformules
Deze zaak betreft een vordering tot schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag van een werknemer die circa 27 jaar in dienst was bij Delta Psychiatrisch Centrum. Na conflicten in 2005 en een negatieve beoordeling werd het dienstverband beëindigd met ontslag per 1 november 2005.
De kantonrechter had het ontslag als kennelijk onredelijk beoordeeld en een schadevergoeding van €15.000 toegekend. Het hof stelde deze vergoeding lager vast (€10.100) en paste daarbij een formule toe die de Hoge Raad in eerdere arresten als ondeugdelijk heeft beoordeeld.
De Hoge Raad benadrukt dat bij de beoordeling van kennelijk onredelijk ontslag eerst moet worden vastgesteld of het ontslag daaraan voldoet en dat de schadevergoeding niet via standaardformules of generieke kortingen mag worden vastgesteld. De vergoeding moet nauwkeurig worden bepaald aan de hand van alle relevante omstandigheden en met voldoende motivering.
De Hoge Raad vernietigt het bestreden arrest en wijst op het belang van een individuele benadering bij de schadevaststelling, waarbij ook factoren zoals de ernst van de tekortkoming van de werkgever kunnen meewegen. De zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde beoordeling.
De uitspraak bevestigt de jurisprudentiële lijn dat de kantonrechtersformule niet toepasbaar is bij kennelijk onredelijk ontslag en dat rechtseenheid en rechtszekerheid ook zonder standaardformules kunnen worden gewaarborgd.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens ondeugdelijke toepassing van een formule voor schadevergoeding bij kennelijk onredelijk ontslag.