ECLI:NL:PHR:2010:BM8912
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt voortbestaan leaseovereenkomst ondanks geschil over nakoming
Eiseres stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof Amsterdam, waarin het hof het vonnis van de rechtbank Utrecht deels bekrachtigde en deels vernietigde. Het geschil betrof de vraag of tussen partijen een rechtsgeldige leaseovereenkomst bestond en of partijen tekort waren geschoten in de nakoming daarvan.
De Hoge Raad oordeelde dat het cassatieberoep niet slaagt. Het eerste onderdeel faalt omdat het onjuist is te veronderstellen dat een overeenkomst pas rechtsgeldig is als partijen eraan zijn begonnen met uitvoering. Het tweede onderdeel faalt omdat het hof niet heeft geoordeeld dat verweerster geen verplichtingen had, maar dat eiseres onvoldoende heeft onderbouwd dat verweerster tekort is geschoten.
Het derde onderdeel, dat de leaseovereenkomst per 31 juli 2005 zou zijn geëindigd, wordt verworpen omdat dit een feitelijke beoordeling betreft die in cassatie niet kan worden getoetst en omdat dit feit niet eerder in het geding was gebracht. De Hoge Raad verwerpt het beroep met toepassing van artikel 81 RO Pro.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof Amsterdam blijft in stand.