ECLI:NL:PHR:2009:BJ9436
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Betekenis van door vader gemaakte kosten voor omgangsregeling bij vaststelling kinderalimentatie
De zaak betreft een cassatieberoep van de vader tegen een beschikking van het gerechtshof Amsterdam die de alimentatieverplichting bevestigde. Het geschil draaide om de vraag of de door de vader gemaakte kosten in verband met de omgangsregeling met de kinderen in mindering moesten worden gebracht op zijn bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding.
De Hoge Raad oordeelt dat deze kosten weliswaar de draagkracht van de vader beïnvloeden, maar niet de behoefte van de kinderen. Het hof had vastgesteld dat de totale behoefte van de kinderen onbetwist 1.465 euro per maand bedraagt en dat beide ouders ieder de helft hiervan dragen. De omgangskosten zijn meegenomen bij de beoordeling van de draagkracht van de vader.
De Hoge Raad concludeert dat het oordeel van het hof niet berust op een onjuiste rechtsopvatting en dat het hof voldoende gemotiveerd heeft waarom de alimentatie niet wordt verminderd met de omgangskosten. Het cassatieberoep wordt verworpen met toepassing van artikel 81 RO Pro.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de vader wordt verworpen en de alimentatieverplichting blijft ongewijzigd.