ECLI:NL:PHR:2009:BJ1247
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Wijziging kinderalimentatie na verkoop echtelijke woning en gewijzigde draagkracht
De moeder verzocht de rechtbank om een verhoging van de kinderalimentatie van €147 naar €350 per maand per kind, met ingang van de verkoopdatum van de echtelijke woning. Zij stelde dat de vader meer draagkracht had vanwege de verkoop en lagere woonlasten door samenwonen met een nieuwe partner.
De rechtbank wees het verzoek gedeeltelijk toe en verhoogde de alimentatie naar €300 per maand per kind. Het hof vernietigde deze beschikking echter op hoger beroep van de vader en handhaafde de eerdere alimentatieverplichting.
De moeder stelde cassatie in tegen het oordeel van het hof dat zij onvoldoende inzicht had gegeven in haar financiële situatie en haar verzoek onvoldoende had onderbouwd. De Hoge Raad oordeelde dat de aangevallen oordelen feitelijk zijn en niet met een rechtsklacht kunnen worden bestreden. Ook was het middel dat het hof onbegrijpelijk zou hebben geoordeeld niet gegrond, mede omdat de moeder buiten de procedure stukken had overgelegd.
Omdat geen vragen van belang voor rechtseenheid of rechtsontwikkeling aan de orde waren, werd het cassatieberoep verworpen. Hiermee bleef de alimentatieverplichting van de vader ongewijzigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de moeder wordt verworpen en de alimentatieverplichting van de vader blijft ongewijzigd.