ECLI:NL:PHR:2009:BH5695
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beklag tegen beslag op auto ex art. 94 Sv en juiste maatstaf
In deze zaak gaat het om een beklag van klager tegen beslaglegging op zijn auto op grond van artikel 94 van Pro het Wetboek van Strafvordering (Sv). De rechtbank verklaarde het beklag ongegrond en motiveerde dit met toepassing van de maatstaf van artikel 94a Sv, die betrekking heeft op beslaglegging bij geldboetes. De Hoge Raad stelt vast dat het hier om beslag ex art. 94 Sv Pro gaat, waardoor de rechtbank onjuist de maatstaf van art. 94a Sv heeft toegepast.
De Hoge Raad herstelt deze kennelijke misslag door de juiste maatstaf toe te passen, namelijk dat vatbaar voor beslag zijn alle voorwerpen die kunnen dienen om de waarheid aan het licht te brengen of om wederrechtelijk verkregen voordeel aan te tonen, dan wel die voor verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer in aanmerking komen. De rechtbank had bedoeld te zeggen dat het niet hoogst onwaarschijnlijk is dat de strafrechter de auto zal verbeurdverklaren.
Het middel van klager faalt omdat hij geen concrete argumenten aanvoert dat de auto niet voor verbeurdverklaring in aanmerking komt. Ook is niet gesteld dat het beslag onrechtmatig is. De Hoge Raad verwerpt het beroep en bevestigt het belang van het strafvorderlijk onderzoek bij het handhaven van het beslag.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het beslag op de auto blijft gehandhaafd.