ECLI:NL:PHR:2009:BH5171
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanhoudingsverzoek wegens ziekte in hoger beroep onverzekerd rijden
In deze zaak werd verzoeker in hoger beroep veroordeeld wegens onverzekerd rijden. Tijdens de terechtzitting van het hof werd namens verzoeker een verzoek tot aanhouding ingediend wegens ziekte, gebaseerd op een telefoontje van zijn broer, zonder dat een medische verklaring werd overlegd.
Het hof wees het verzoek af omdat verzoeker geen medische verklaring kon overleggen en het belang van een behoorlijke en tijdige strafvordering zwaarder woog dan het belang van verzoeker om aanwezig te zijn. De raadsman van verzoeker was niet uitdrukkelijk gemachtigd en verzoeker zelf had niet gereageerd op de dagvaarding.
De Hoge Raad bevestigt dat het aan de rechter staat om te beoordelen of een aanhoudingsverzoek wegens ziekte aannemelijk en van voldoende gewicht is. Het is redelijk dat van verdachte wordt verlangd dat hij bewijsstukken overlegt ter staving van het verzoek. Het hof heeft de juiste maatstaf toegepast en zijn oordeel is niet onbegrijpelijk. Het middel van verzoeker faalt en het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het hof mocht het verzoek tot aanhouding wegens ziekte afwijzen en veroordeelde verzoeker wegens onverzekerd rijden.