ECLI:NL:PHR:2009:BH2952
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Ontbinding huurovereenkomst woonplaats wegens hennepkwekerij en risicoaansprakelijkheid huurder
In deze zaak stond de ontbinding van een huurovereenkomst van een standplaats in een woonwagencentrum centraal, nadat op het gehuurde hennepplantages werden aangetroffen. De huurder, [eiseres], had op haar standplaats een schuurtje waarin illegale hennepteelt plaatsvond, zonder dat zij daarvan op de hoogte was. De verhuurder, Stichting de Alliantie, vorderde ontbinding en ontruiming wegens ernstige wanprestatie.
De Hoge Raad bevestigde dat op grond van artikel 7:219 BW Pro de huurder aansprakelijk is voor gedragingen van derden die met zijn goedvinden het gehuurde gebruiken, ook als de huurder zelf geen verwijt treft. Het hof mocht aannemen dat de illegale stroomaftap en de daarmee gepaard gaande gevaarzetting een risicoaansprakelijkheid voor de huurder meebrengt, ook zonder daadwerkelijke schade.
De Hoge Raad oordeelde echter dat het hof in zijn belangenafweging een onjuiste en onvoldoende onderbouwde factor had betrokken, namelijk het familieverband tussen de betrokken huurders, zonder dat dit voldoende was vastgesteld in de procedure. Hierdoor werd de belangenafweging niet op een logische en verantwoorde wijze gemaakt, wat tot vernietiging van het arrest leidt.
Verder werd bevestigd dat ernstige wanprestatie in beginsel rechtvaardigt tot ontbinding, ook als de wanprestatie inmiddels is beëindigd, en dat de huurder niet kan worden verweten dat zij de risico's kende als zij niet verwijtbaar was. Het beroep op een later gesloten convenant werd niet ontvankelijk geacht wegens laattijdigheid en onvoldoende onderbouwing.
De Hoge Raad concludeert tot vernietiging van het bestreden arrest en verwijzing voor verdere behandeling, waarbij de risicoaansprakelijkheid van de huurder voor gevaarzetting door derden wordt bevestigd, maar de belangenafweging opnieuw moet worden gemaakt zonder de onjuiste factor mee te wegen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd vanwege een onjuiste belangenafweging en de zaak wordt terugverwezen voor verdere behandeling.