ECLI:NL:PHR:2009:BD1510
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Toepassing nultarief omzetbelasting bij intracommunautaire leveringen en bewijsvereisten
Belanghebbende, handelend in CPU's en wit- en bruingoed, paste het nultarief omzetbelasting toe op leveringen aan afnemers in Duitsland en België. De inspecteur legde een naheffingsaanslag op wegens vermeende onjuiste toepassing van het nultarief. Het hof verklaarde het bezwaar ontvankelijk en matigde de aanslag deels op basis van bewijs van vervoer naar Duitsland via CMR-vrachtbrieven. Niet voor alle facturen kon vervoer overtuigend worden aangetoond.
In cassatie stelt belanghebbende dat zij door inbeslagname van haar administratie geen bewijs kon overleggen en dat het hof ten onrechte het nultarief niet toepaste op alle leveringen. De staatssecretaris stelt incidenteel dat het hof ten onrechte het nultarief toepaste op acht facturen waarbij de afnemer niet vaststond.
De conclusie van de advocaat-generaal benadrukt dat het nultarief toepassing vindt indien goederen naar een andere lidstaat zijn vervoerd en de afnemer een ondernemer is die aldaar intracommunautaire verwerving verricht. Bewijs kan worden geleverd door boeken en bescheiden, waarbij aannemelijk maken voldoende is. Het hof heeft terecht geoordeeld dat voor sommige leveringen onvoldoende bewijs is geleverd van vervoer naar het buitenland, maar achtte het nultarief terecht toegepast voor de acht facturen met juiste vervoersdocumenten en aannemelijke afnemersstatus. Terugverwijzing naar de inspecteur was niet noodzakelijk omdat belanghebbende voldoende gelegenheid had gehad haar standpunten te presenteren.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende en het incidentele beroep van de staatssecretaris worden ongegrond verklaard.