ECLI:NL:PHR:2008:BF3792
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geldigheid tenlastelegging en bewezenverklaring tippelen buiten tippelzone
Op 11 oktober 2005 werd verdachte in Arnhem betrapt op het zich presenteren als prostituee en het aanbieden van diensten buiten de door het college aangewezen tippelzone en tijden, namelijk op de Nieuwe kade omstreeks 16:45 uur. Het Hof verklaarde deze feiten bewezen en veroordeelde verdachte tot een week hechtenis wegens overtreding van artikel 3.2.6 lid 1 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) Arnhem.
Verdachte stelde in cassatie dat de tenlastelegging onvoldoende feitelijke betekenis zou hebben, omdat het zich alleen ter plaatse bevinden niet gelijk zou staan aan het zich presenteren als prostituee en het aanbieden van diensten. De Hoge Raad verwierp dit middel en oordeelde dat de formulering in de tenlastelegging toereikend concreet is en dat het Hof niet onbegrijpelijk heeft geoordeeld dat het zich presenteren en aanbieden mede onderdeel uitmaakt van de feitelijke omschrijving.
Daarnaast werd aangevoerd dat het bewijs onvoldoende was, met name dat het proces-verbaal niet voldeed aan de eisen van artikel 153 lid 2 Sv Pro en dat het Hof ten onrechte verschillende bewijsmiddelen als afzonderlijk had beschouwd. De Hoge Raad stelde dat het proces-verbaal wel degelijk als zodanig kan gelden ondanks het ontbreken van redenen van wetenschap en dat de verschillende bewijsmiddelen elkaar steunen. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de veroordeling en bewezenverklaring stand hielden.
Uitkomst: Het cassatieberoep werd verworpen en de veroordeling wegens overtreding van de APV Arnhem bevestigd.