ECLI:NL:PHR:2008:BE9099
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beëindiging schuldsaneringsregeling zonder schone lei wegens tekortkomingen schuldenaar
De rechtbank Amsterdam heeft op 20 juni 2007 de schuldsaneringsregeling van verzoeker tussentijds beëindigd zonder schone lei vanwege ernstige tekortkomingen, zoals het niet nakomen van inspanningsplicht, achterstanden in betalingen aan de boedel en het niet verstrekken van benodigde informatie aan de bewindvoerder. De rechtbank oordeelde dat een verlenging van de regeling niet op zijn plaats was en dat tussentijdse beëindiging tot faillissement zou leiden, wat niet redelijk was gezien het ontbreken van vermogensbestanddelen.
Het hof vernietigde het vonnis en wees de voordracht tot tussentijdse beëindiging alsnog toe, waarna de zaak werd terugverwezen voor verdere afhandeling. Verzoeker stelde cassatieberoep in tegen deze beslissing, stellende dat hij door ziekte niet in staat was zijn verplichtingen na te komen en dat de beëindiging onterecht was.
De Hoge Raad oordeelde dat verzoeker onvoldoende had onderbouwd dat zijn tekortkomingen niet aan hem konden worden toegerekend. Ook was het oordeel van het hof dat het saneringsplan niet ambtshalve gewijzigd kon worden, gelet op de wettelijke vereisten, juist en voldoende gemotiveerd. Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de beëindiging van de schuldsaneringsregeling zonder schone lei definitief bleef.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling zonder schone lei blijft gehandhaafd.