ECLI:NL:PHR:2008:BD4378
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ontvankelijkheid bezwaar tegen waardering kavel bij ruilverkaveling Walcheren
In deze zaak heeft eiser bezwaar gemaakt tegen de lijst der geldelijke regelingen in het kader van de ruilverkaveling Walcheren, met name tegen de waardering van de aan hem toegedeelde kavel. De rechtbank verklaarde het bezwaar tegen de schattingswaarde van de kavel niet-ontvankelijk omdat het register van schattingsuitkomsten was gesloten, terwijl andere bezwaren tegen de tweede schatting deels gegrond werden verklaard en de lijst der geldelijke regelingen werd aangepast.
Eiser stelde in cassatie dat de rechtbank ten onrechte het bezwaar tegen de tweede schatting niet-ontvankelijk had verklaard. De Hoge Raad overwoog dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat tegen de uitkomsten van de eerste schatting na sluiting van het register geen bezwaar meer kan worden gemaakt. Dit betreft de vaststelling van de agrarische waarde van de gronden bij de eerste schatting.
Tegelijkertijd erkende de Hoge Raad dat bezwaren tegen de tweede schatting, die betrekking heeft op waardeverminderingen en nut van de verkaveling, wel ontvankelijk zijn en inhoudelijk behandeld moeten worden. De rechtbank heeft dit ook gedaan door een aantal bezwaren van eiser gegrond te verklaren en de lijst der geldelijke regelingen aan te passen. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde daarmee de rechtspraak over de ontvankelijkheid van bezwaren in landinrichtingszaken.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; het bezwaar tegen de eerste schatting is niet-ontvankelijk, bezwaren tegen de tweede schatting zijn ontvankelijk en deels gegrond verklaard.