ECLI:NL:PHR:2008:BC6545
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging machtiging voortgezet verblijf wegens ontbreken motivering contra-expertise en overschrijding termijn
In deze zaak heeft de officier van justitie een machtiging tot voortgezet verblijf van betrokkene in een psychiatrisch ziekenhuis verzocht. De rechtbank verleende deze machtiging voor de duur van een jaar, ondanks dat betrokkene een verzoek deed om een contra-expertise door een onafhankelijke psychiater, dat niet gemotiveerd werd afgewezen.
De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank de afwijzing van het verzoek tot nader onderzoek door een deskundige (contra-expertise) had moeten motiveren, gelet op de ingrijpende aard van de beslissing tot vrijheidsbeneming. Het ontbreken van een dergelijke motivering leidt tot vernietiging van de beschikking.
Daarnaast is vastgesteld dat de machtiging werd verleend nadat de geldigheidsduur van de voorafgaande machtiging was verstreken en het verzoek te laat was ingediend. Hierdoor kon de machtiging niet worden verleend voor een periode langer dan tot één jaar na het einde van de vorige machtiging. De rechtbank had de machtiging dus niet mogen verlenen voor een jaar vanaf de datum van beschikking.
De Hoge Raad verwijst de zaak terug naar de rechtbank te Haarlem voor verdere behandeling. Andere klachten, zoals de ondertekening van de geneeskundige verklaring, worden niet gegrond verklaard.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de machtiging tot voortgezet verblijf en verwijst de zaak terug naar de rechtbank vanwege het ontbreken van motivering bij afwijzing contra-expertise en overschrijding van de wettelijke termijn.