ECLI:NL:PHR:2007:BB2951
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens te late indiening na stempelvonnis politierechter
In deze zaak oordeelt de Hoge Raad over de ontvankelijkheid van een hoger beroep tegen een vonnis van de politierechter. De politierechter had op 22 april 2002 een stempelvonnis gewezen, waarbij geen proces-verbaal van de terechtzitting was opgemaakt, maar wel een aantekening mondeling vonnis waarin stond dat het vonnis op tegenspraak was gewezen en dat een uitdrukkelijk gemachtigde raadsman aanwezig was.
De verdachte stelde het hoger beroep in op 12 september 2005, ruim na de wettelijke termijn van veertien dagen na het vonnis. Het hof verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk wegens deze termijnoverschrijding. De verdediging voerde aan dat het hof ten onrechte had aangenomen dat het vonnis op tegenspraak was gewezen, omdat er geen proces-verbaal was en de gemachtigde raadsman mogelijk niet uitdrukkelijk gemachtigd was op de datum van het vonnis.
De Hoge Raad bevestigt dat een stempelvonnis zonder proces-verbaal rechtsgeldig kan zijn indien aan de wettelijke eisen is voldaan, waaronder de vermelding dat het vonnis op tegenspraak is gewezen. Ook kan worden aangenomen dat een raadsman die op eerdere zittingen uitdrukkelijk gemachtigd was, dit ook op de latere zitting was. Het hoger beroep is derhalve te laat ingesteld en niet-ontvankelijk verklaard. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening na stempelvonnis van de politierechter.