ECLI:NL:PHR:2007:BA5611
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over doorbreking verschoningsrecht notaris bij ernstige belastingontduiking via ABC-transacties
In deze zaak staat centraal de vraag of het verschoningsrecht van een notaris kan worden doorbroken in het kader van een strafrechtelijk onderzoek naar grootschalige vennootschapsbelastingontduiking via zogenoemde ABC-transacties. De rechtbank had geoordeeld dat sprake was van zeer uitzonderlijke omstandigheden die het belang van waarheidsvinding boven het verschoningsrecht doen prevaleren, mede vanwege de verdenking dat de notaris en medeverdachten betrokken waren bij ernstige strafbare feiten.
De Hoge Raad herhaalt relevante jurisprudentie en benadrukt dat het verschoningsrecht is bedoeld om cliënten vrijelijk en zonder vrees om openbaarmaking te laten bijstaan, maar niet als dekmantel mag dienen voor strafbare feiten. De notaris werd verdacht van medewerking aan een constructie waarbij onroerend goed via stromantransacties werd doorverkocht om belasting te ontduiken, met een geschatte schade van ruim €400.000.
Hoewel de rechtbank het verschoningsrecht doorbrak, oordeelt de Hoge Raad dat de motivering onvoldoende was omdat niet concreet was vastgesteld welke rol de notaris had in de strafbare feiten en de omvang van de fraude niet zodanig was dat het economisch verkeer of het vertrouwen in het notariaat ernstig werd geschaad. De zaak wordt terugverwezen naar het hof voor hernieuwde beoordeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beslissing van de rechtbank en verwijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde beoordeling wegens onvoldoende motivering van de doorbreking van het verschoningsrecht.