ECLI:NL:PHR:2006:AX9388
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid advocaat voor niet aanzeggen wettelijke rente in sociale verzekeringszaak
Eiseres vordert schadevergoeding van haar voormalige advocaat wegens het niet aanzeggen van wettelijke rente in een procedure over een AAW/WAO-uitkering. De Centrale Raad van Beroep vernietigde de oorspronkelijke beslissing en de uitkering werd alsnog toegekend op 15 december 1990. Eiseres stelt dat zij pas na een arrest van de Hoge Raad in 1992 kon weten dat zij rente miste en dat zij niet eerder bekend kon zijn met de aansprakelijke advocaat.
De rechtbank Maastricht oordeelde dat de verjaring op 15 december 1995 was voltooid, omdat eiseres op de datum van uitbetaling van de uitkering bekend was met de schade en de aansprakelijke persoon, ongeacht haar juridische kennis over de aanzegging van rente. Het hof 's-Hertogenbosch bevestigde dit oordeel en stelde dat de advocaat geen beroepsfout had gemaakt.
De Hoge Raad laat het oordeel van de rechtbank over de verjaring en het ontbreken van aansprakelijkheid van de advocaat in stand en wijst het beroep van eiseres af. Hierdoor wordt de vordering tot schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt verworpen en de vordering tot schadevergoeding wegens het niet aanzeggen van wettelijke rente wordt afgewezen.