ECLI:NL:PHR:2006:AX1693
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging tbs-maatregel wegens gebruik verouderd psychologisch rapport
In deze zaak bevestigde het hof een vonnis waarbij verdachte werd veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf en terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege (tbs). Het hof baseerde de oplegging van de tbs mede op een psychologisch rapport van oktober 2003, dat meer dan een jaar voor de aanvang van de terechtzitting in hoger beroep was opgesteld.
Volgens art. 37, tweede lid, Sr mag een dergelijk rapport alleen worden gebruikt als zowel het Openbaar Ministerie als verdachte hiermee instemmen. In deze zaak bleek uit het arrest van het hof niet dat die instemming was gegeven. De verdediging verzette zich expliciet tegen de inhoud van de rapporten en tegen de oplegging van tbs, en uit het niet aanvoeren van het verweer dat het rapport te oud was, kon niet worden afgeleid dat er instemming was.
De Hoge Raad overweegt dat de eis van recente multidisciplinaire rapportage strikt is en dat de termijn van een jaar wordt gerekend vanaf het moment waarop het onderzoek ter terechtzitting opnieuw wordt aangevangen. Omdat het psychologisch rapport ouder was dan een jaar en niet was geactualiseerd, mocht het hof dit niet gebruiken zonder instemming van partijen.
De Hoge Raad vernietigt daarom het deel van het arrest dat betrekking heeft op de oplegging van de tbs-maatregel en de gevangenisstraf, en zal een passende beslissing nemen op grond van art. 440 Sv Pro. Het beroep wordt voor het overige verworpen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de oplegging van tbs wegens gebruik van een verouderd psychologisch rapport zonder instemming.