ECLI:NL:PHR:2006:AS4129
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling teruggaaf wijnaccijns bij invoer en kredietstelsel na 1992
De zaak betreft verzoeken om afschrijving of teruggaaf van accijns op wijn die vóór 1992 is ingevoerd en onder het kredietstelsel is opgeslagen. Belanghebbende, een wijnimporteur, heeft bezwaar gemaakt tegen de accijnsheffing en verzocht om teruggaaf. De kern van het geschil is of belanghebbende recht heeft op teruggaaf van accijns voor wijn die zij onder krediet heeft doorgeleverd aan een tweede kredietbergplaatshouder die de accijns daadwerkelijk heeft voldaan.
De Hoge Raad bespreekt uitvoerig de werking van het kredietstelsel tot 1992, het overgangsrecht per 1 januari 1992 waarbij het stelsel van accijnsgoederenplaatsen werd ingevoerd, en de toepasselijke wettelijke teruggaafregeling. Uit jurisprudentie van het Hof van Justitie van de EG volgt dat teruggaaf van wijnaccijns ook met terugwerkende kracht moet worden verleend. De Staatssecretaris van Financiën heeft een praktische methode voor teruggaaf ontwikkeld, waarbij de relatie tussen invoeraangiften en kwartaalaangiften problematisch is, vooral voor tweede kredietbergplaatshouders.
De Hoge Raad bevestigt dat alleen degene die de accijns heeft voldaan of gehouden is te voldoen een verzoek om teruggaaf kan indienen. De zuivering van de kredietrekening wordt niet als betaling aangemerkt. De tweede kredietbergplaatshouder heeft een eigen rechtsingang en belanghebbende kan niet namens hem teruggaaf vorderen. Ook wijst de Hoge Raad erop dat voor wijn die na 31 december 1991 uit de accijnsgoederenplaats is uitgeslagen opnieuw bezwaar moet worden gemaakt. De middelen van belanghebbende worden ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard; belanghebbende heeft geen recht op teruggaaf van wijnaccijns voor doorgeleverde wijn onder het kredietstelsel.