ECLI:NL:PHR:2005:AU5479

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
6 december 2005
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
00680/05 H
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 467 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herziening veroordeling wegens diefstal door twee of meer verenigde personen na misidentificatie

De aanvrager heeft herziening gevraagd van een bij verstek gewezen vonnis van de politierechter in Maastricht, waarbij hij veroordeeld werd tot een geldboete van €270, subsidiair vijf dagen hechtenis wegens diefstal door twee of meer verenigde personen. Dit vonnis was onherroepelijk.

Na een aanschrijving over de boete nam de aanvrager contact op met de officier van justitie en stelde dat hij het feit niet had begaan, maar mogelijk zijn broer zich van valse personalia had bediend. De officier gaf opdracht tot nader politieonderzoek.

Het onderzoek wees uit dat de aanvrager inderdaad niet degene was die destijds was aangehouden. De verbalisanten herkenden op een politiefoto de broer van de aanvrager als de werkelijke dader. De officier van justitie schortte de tenuitvoerlegging van het vonnis op en wees de aanvrager de juiste procedure om de veroordeling ongedaan te maken.

De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad was dat de aanvraag gegrond is, dat opschorting van de tenuitvoerlegging zal worden bevolen en dat de zaak zal worden verwezen naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor hernieuwde behandeling volgens art. 467 Sv Pro.

Uitkomst: De herzieningsaanvraag wordt gegrond verklaard en de zaak wordt verwezen voor hernieuwde behandeling.

Conclusie

Griffienr. 00680/05 H
Mr. Wortel
Zitting:25 oktober 2005
Conclusie inzake:
[Aanvrager]
1. De bovengenoemde persoon - hierna te noemen: de aanvrager - heeft bij schriftuur herziening aangevraagd van een bij verstek gewezen vonnis van de politierechter in de Rechtbank te Maastricht, waarbij de aanvrager wegens "diefstal door twee of meer verenigde personen" is veroordeeld tot een geldboete van € 270, subsidiair vijf dagen hechtenis. Blijkens een mededeling van de griffier in die Rechtbank is dit vonnis onherroepelijk.
2. Deze conclusie kan kort blijven. Naar aanleiding van een aanschrijving dat hij bovengenoemde boete diende te voldoen heeft de aanvrager contact opgenomen met de officier van justitie te Maastricht, stellende dat hij het feit niet heeft begaan, maar dat mogelijk zijn broer zich van valse personalia heeft bediend.
De officier van justitie heeft de politie opdracht gegeven nader onderzoek te doen. Dat heeft uitgewezen dat verzoeker inderdaad niet degene is geweest die destijds is aangehouden. De verbalisanten zijn daar zeker van. Van een politiefoto herkenden zij een broer van de aanvrager als degene die destijds is aangehouden.
3. De officier van justitie heeft de aanvrager de resultaten van dit nader onderzoek toegezonden, en hem de juiste weg gewezen om de veroordeling ongedaan te maken. Eigener beweging heeft de officier van justitie reeds bevel gegeven de tenuitvoerlegging op te schorten.
4. Zo kennen we (tussen al het hedendaagse mediageweld over uiteenlopende misstanden) het Openbaar Ministerie weer als een essentieel en betrouwbaar onderdeel van de Nederlandse rechterlijke macht.
5. Alle relevante bescheiden zijn bij deze aanvrage gevoegd.
6. Deze conclusie strekt ertoe dat de aanvraag gegrond zal worden verklaard; voor zoveel nodig de opschorting of schorsing van de tenuitvoerlegging van het op 24 september 2004 gewezen vonnis zal worden bevolen, en de zaak naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch zal worden verwezen teneinde op de voet van art. 467 Sv Pro opnieuw te worden behandeld en afgedaan.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden,