ECLI:NL:PHR:2005:AT3498
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitleg voorkeursrecht koop in huurovereenkomst tussen Carigna en huurder
De zaak betreft de uitleg van een voorkeursrecht in artikel 18 van Pro een huurovereenkomst tussen Carigna Investments N.V. en de huurder. Carigna bood het pand aan de huurder aan voor 3 miljoen gulden, waarna de huurder een tegenbod deed van 1,2 miljoen gulden. Carigna accepteerde dit bod niet en verkocht het pand vervolgens aan derden voor 2,61 miljoen gulden.
De huurder stelde dat Carigna het pand eerst aan hem had moeten aanbieden tegen de lagere verkoopprijs, conform het voorkeursrecht in de huurovereenkomst. De rechtbank en kantonrechter gaven de huurder gelijk en oordeelden dat Carigna tekort was geschoten in haar verplichtingen. Carigna ging in hoger beroep en vervolgens in cassatie.
De Hoge Raad oordeelde dat het voorkeursrecht zo moet worden uitgelegd dat de verhuurder het pand eerst aan de huurder moet aanbieden bij verkoop aan derden tegen een prijs die gelijk is aan of lager dan het tegenbod van de huurder. De Hoge Raad verwierp de cassatieklachten van Carigna en bevestigde het oordeel van de lagere rechter dat Carigna het voorkeursrecht had geschonden door het pand aan derden te verkopen zonder het eerst aan de huurder aan te bieden tegen de lagere prijs.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat Carigna het pand eerst aan de huurder had moeten aanbieden bij verkoop tegen een lagere prijs dan het oorspronkelijke bod.