ECLI:NL:PHR:2004:AP0955

Parket bij de Hoge Raad

Datum uitspraak
25 juni 2004
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
C04/063HR
Instantie
Parket bij de Hoge Raad
Type
Conclusie
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 56 RvArt. 63 RvEG-Betekeningsverordening
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad weigert verlening van verstek wegens niet-naleving betekeningstermijn EG-Betekeningsverordening

In deze cassatieprocedure vorderde Herdera BVBA, een Belgische besloten vennootschap, verlening van verstek tegen Verelle BVBA, eveneens een Belgische besloten vennootschap, die niet was verschenen. Herdera BVBA had Verelle BVBA gedagvaard voor de Hoge Raad en de betekening van de dagvaarding vond plaats bij de advocaat in eerste aanleg, conform de EG-Betekeningsverordening.

Echter bracht Herdera BVBA op 23 februari 2004 een herstelexploit uit, waarbij Verelle BVBA werd gedagvaard voor een latere zitting. In dit herstelexploit werd vastgesteld dat Verelle BVBA geen bekende woon- of verblijfplaats in Nederland had en dat de betekening van de cassatiedagvaarding en het herstelexploit plaatsvond op 19 april 2004 in Kapellen, België.

De Procureur-Generaal stelde dat de cassatiedagvaarding niet binnen de vereiste termijn van veertien dagen na betekening was verzonden, zoals voorgeschreven in het arrest van de Hoge Raad van 17 januari 2003 (NJ 2003, 113) en de EG-Betekeningsverordening. Hierdoor was niet voldaan aan het criterium voor verlening van verstek.

De conclusie luidde dat het herstelexploit buiten beschouwing moest blijven vanwege de systematiek van de EG-Betekeningsverordening en de door de Hoge Raad voorgeschreven termijn. Daarom werd geconcludeerd tot weigering van verlening van verstek.

Uitkomst: De Hoge Raad weigerde verlening van verstek wegens niet-naleving van de betekeningstermijn.

Conclusie

Rolnummer C04/063HR
Mr. L. Timmerman
Zitting 23 april 2004
conclusie op verstek inzake
Herdera BVBA
tegen
Verelle BVBA
1. Hedera BVBA heeft Verelle BVBA, gevestigd te Stabroek, Belgie, op 28 januari 2004 gedagvaard om te verschijnen ter terechtzitting van de Hoge Raad op 13 februari 2004. Er is betekend ten kantore van de advocaat en procureur in vorige instantie. Op deze betekening is de EG-Betekeningsverordening van toepassing. Op 23 februari 2004 heeft Hedera BVBA een herstelexploit uitgebracht. In dat herstelexploit wordt Verelle BVBA gedagvaard ter terechtzitting van de Hoge Raad van 5 maart 2004. In dat herstelexploit wordt vastgesteld dat Verelle BVBA geen bekende woon- of verblijfplaats in Nederland heeft. De betekening van de cassatiedagvaarding en van het herstelexploit heeft aan Verelle BVBA die inmiddels in Kapellen, Belgie, gevestigd blijkt te zijn op 19 april 2004 plaatsgevonden.
2. Uit de bovenvermelde gang van zaken blijkt dat nu betekend is aan het kantoor van de procureur in vorige instantie en er vervolgens op 23 februari een herstelexploit is uitgebracht er niet is voldaan aan het door de Hoge Raad voor dat geval in zijn arrest van 17 januari 2003, NJ 2003, 113 geformuleerde criterium dat de cassatiedagvaarding binnen 14 dagen na betekening verzonden dient te worden aan de ontvangende instantie. Mijns inziens dient het hetstelexploit buiten beschouwing te blijven gelet op de systematiek van de EG-betekeningsverordening en de door de Hoge Raad voorgeschreven termijn van veertien dagen. Om deze reden concludeer ik tot weigering van verlening van verstek.
De Procureur-Generaal bij de
Hoge Raad der Nederlanden
A-G