ECLI:NL:PHR:2003:AF6604
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verlening verlof voor overdracht inbeslaggenomen stukken aan Belgische autoriteiten niet in strijd met fair trial
In deze zaak heeft de rechtbank te Middelburg verlof verleend aan de rechter-commissaris om inbeslaggenomen bescheiden ter beschikking te stellen van de officier van justitie voor overdracht aan de onderzoeksrechter in België. Hierbij is bedongen dat de stukken na gebruik voor de strafvordering zullen worden teruggezonden.
Verzoeker stelde dat deze overdracht in strijd is met het fair trial-beginsel (artikel 6 EVRM Pro) en dat hij in een eventuele Nederlandse strafzaak in zijn verdediging geschaad zou worden doordat de stukken aan België worden overgedragen. De rechtbank verwierp dit verweer, stellende dat de stukken niet als bewijs in de Nederlandse zaak zullen worden gebruikt.
De Hoge Raad concludeert dat het middel faalt omdat de toezegging van de officier van justitie en de overweging van de rechtbank juist zijn gelezen: de stukken maken geen deel meer uit van het Nederlandse strafdossier zodra ze aan België worden overgedragen. Eventuele beperkingen van de verdedigingsmogelijkheden dienen in de strafzaak zelf aan de orde te komen. De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het verlof voor overdracht van de inbeslaggenomen stukken aan België blijft in stand.