ECLI:NL:PHR:2003:AF6214
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt bijdrage onderhoud kinderen na echtscheiding ondanks betwisting draagkracht
De man en vrouw zijn gescheiden en hebben drie kinderen. Na de echtscheiding is de man verplicht gesteld een bijdrage te leveren in de kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen. In 1994 werd deze bijdrage op nihil gesteld, maar later in 2000 door de rechtbank gewijzigd naar een bedrag van 300 gulden per kind per maand.
De man tekende hoger beroep aan en voerde aan dat zijn draagkracht onvoldoende was om deze bijdrage te betalen. Tijdens de mondelinge behandeling bleek dat hij meerdere inkomsten had, waaronder als taxi-chauffeur en via beveiligingswerkzaamheden, maar hij leverde geen tijdige en deugdelijke bewijsstukken over zijn inkomsten aan.
Het hof bekrachtigde de beschikking van de rechtbank en oordeelde dat de man onvoldoende inzicht had gegeven in zijn financiële situatie. De Hoge Raad stelde vast dat het cassatiemiddel onvoldoende onderbouwd was en dat het hof terecht oordeelde dat de man zijn draagkracht niet aannemelijk had gemaakt. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de man wordt verworpen en de onderhoudsbijdrage wordt bekrachtigd.