ECLI:NL:PHR:2003:AF3422
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitleg en toepassing artikel 49A CAO Tuinbouw inzake wederindiensttreding seizoenarbeiders
In deze zaak staat centraal de vraag of seizoenarbeidsters aanspraak kunnen maken op wederindiensttreding bij Terra Nigra Holding B.V. op grond van artikel 49A van de CAO voor de Tuinbouw, nadat de CAO was geëindigd. De arbeidsters werkten jarenlang in losse dienstverbanden bij Terra Nigra en werden vanaf 1994 via een uitzendbureau ingezet. Zij vorderden onder meer loon en toelating tot werk in rechtstreeks dienstverband.
De kantonrechter en rechtbank wezen de vorderingen af, stellende dat artikel 49A CAO geen normatieve bepaling is die na afloop van de CAO doorwerkt in individuele arbeidsovereenkomsten. Ook oordeelden zij dat de arbeidsters niet voldeden aan de cumulatieve voorwaarden van artikel 49A lid 2 voor wederindiensttreding. De arbeidsters stelden dat de voorwaarden niet cumulatief moesten worden gelezen en dat de CAO-bepaling wel nawerking heeft.
De Hoge Raad bevestigt de uitleg van de lagere rechters dat artikel 49A CAO niet normatief is en geen nawerking kent na afloop van de CAO. De cumulatieve lezing van de voorwaarden is juist en redelijk gelet op de aard van seizoensarbeid. De arbeidsters voldeden niet aan de vereiste dienstverbandduur. Ook is onvoldoende gesteld om Terra Nigra te kunnen veroordelen tot schadevergoeding wegens slecht werkgeverschap. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; de arbeidsters hebben geen aanspraak op wederindiensttreding of loon op grond van artikel 49A CAO.