ECLI:NL:PHR:2003:AF0892
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt voortzetting gezamenlijk ouderlijk gezag ondanks communicatieproblemen
De moeder en vader zijn gescheiden en oefenden gezamenlijk het ouderlijk gezag uit over hun twee kinderen. Na vermoedens van seksueel misbruik door de vader stelde de moeder zich op het standpunt dat zij alleen met het gezag belast moest worden en dat de omgangsregeling moest worden aangepast. Het hof stelde echter vast dat er onvoldoende bewijs was voor seksueel grensoverschrijdend gedrag door de vader en wees het verzoek van de moeder af.
Het hof overwoog dat ernstige communicatieproblemen tussen ouders niet automatisch leiden tot toekenning van het gezag aan één ouder, tenzij er een onaanvaardbaar risico bestaat dat kinderen klem komen te zitten tussen de ouders. Omdat de vader zich bereid toonde zich afzijdig te houden en de moeder de situatie verbeterd achtte, handhaafde het hof het gezamenlijk gezag.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst de klachten van de moeder af. De Hoge Raad oordeelt dat het hof een juiste maatstaf heeft toegepast en dat het belang van het kind niet vereist dat het gezag aan één ouder wordt toegekend. Ook de stelling dat het gezag in strijd zou zijn met het recht op privéleven van het kind wordt verworpen. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het gezamenlijk ouderlijk gezag wordt gehandhaafd ondanks communicatieproblemen en zonder vaststelling van seksueel misbruik.