ECLI:NL:PHR:2002:AE1090
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt onderhoudsplicht vader ondanks overeenkomst geen kinderalimentatie te vragen
In deze zaak verzocht de moeder om een maandelijkse bijdrage van de vader in de kosten van verzorging en opvoeding van hun kinderen, terwijl de vader stelde dat partijen een overeenkomst hadden gesloten waarin zij afzagen van kinderalimentatie. De rechtbank wees het verzoek af wegens gebrek aan onderbouwing, maar het hof vernietigde deze beslissing en kende de bijdrage toe. Het hof stelde dat ouders wettelijk onderhoudsplichtig zijn jegens hun kinderen en dat een overeenkomst die afziet van deze plicht nietig is.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp de klachten van de vader. De onderhoudsplicht bestaat ongeacht de juridische aard van de relatie tussen ouders en is van openbare orde, waardoor afstand nemen via overeenkomst niet mogelijk is. Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat het hof terecht is uitgegaan van het netto besteedbaar gezinsinkomen ten tijde van het uit elkaar gaan van partijen om de behoefte van de kinderen te bepalen, ondanks betwisting van de vader over de rechtmatigheid van dat inkomen.
De Hoge Raad concludeerde dat de vader gehouden is tot een bijdrage van f 750 per kind per maand, passend binnen de wettelijke maatstaven en de financiële situatie van partijen. Hiermee werd het beroep van de vader verworpen en de bijdrage bevestigd.
Uitkomst: De vader is gehouden tot een maandelijkse bijdrage van f 750 per kind in de kosten van verzorging en opvoeding.