ECLI:NL:PHR:2002:AD9143
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voortzetting gezamenlijk ouderlijk gezag ondanks moeizame communicatie na echtscheiding
In deze zaak staat de vraag centraal of het gezamenlijk ouderlijk gezag na echtscheiding moet worden beëindigd vanwege communicatieproblemen tussen de ouders. De moeder verzocht om eenhoofdig gezag, terwijl de vader gezamenlijk gezag wilde behouden. De rechtbank wees het verzoek van beide ouders af, waarna het hof het gezag aan één ouder wilde toekennen vanwege ernstige communicatieproblemen. De Hoge Raad oordeelt dat het ontbreken van goede communicatie niet automatisch leidt tot beëindiging van gezamenlijk gezag.
De Hoge Raad benadrukt dat gezamenlijk gezag vereist dat ouders in staat zijn om belangrijke beslissingen over het kind in gezamenlijk overleg te nemen of ten minste afspraken te maken over situaties rond het kind, zodat het kind niet klem raakt. Moeizame communicatie of meningsverschillen zijn onvoldoende reden voor eenhoofdig gezag, tenzij er sprake is van verwijtbaar gedrag dat het welzijn van het kind schaadt.
De Hoge Raad bevestigt dat het gezamenlijk gezag kan blijven voortbestaan, ook als één ouder praktisch de verzorging op zich neemt en de andere ouder zich afzijdig houdt, mits dit niet belastend is voor het kind. De mogelijkheid tot inschakeling van de rechter bij conflicten blijft bestaan. Het beroep van de moeder wordt verworpen, waarmee het gezamenlijk gezag gehandhaafd blijft.
Uitkomst: Het gezamenlijk ouderlijk gezag blijft gehandhaafd ondanks moeizame communicatie tussen de ouders.