ECLI:NL:PHR:2002:AD6629
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over draagkracht en voorziening levensonderhoud bij vooroverlijden in alimentatiezaak
De zaak betreft een alimentatiegeschil tussen een man en vrouw na echtscheiding. De vrouw vordert een alimentatiebedrag en een voorziening voor het geval de man eerder overlijdt. Het hof had de alimentatie vastgesteld op f 8.000 per maand en bepaald dat partijen in het kader van de scheiding en deling een voorziening voor het levensonderhoud bij overlijden moeten treffen.
De man stelde onder meer dat bij de draagkrachtberekening rekening moest worden gehouden met de nieuwe vermogensrendementsheffing, in plaats van de oude vermogensbelasting. De Hoge Raad bevestigt dat de vermogensrendementsheffing onderdeel is van de draagkrachtberekening volgens de Trema-normen. Ook oordeelt de Hoge Raad dat van de man gevergd kan worden dat hij inteert op zijn vermogen om alimentatie te betalen.
Het hof had echter ten onrechte de voorziening voor het geval van overlijden buiten de alimentatieberekening gelaten en aan partijen overgelaten om dit in de scheiding en deling te regelen. De Hoge Raad stelt dat de rechter deze voorziening binnen de alimentatievaststelling moet beoordelen. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak terug voor nieuwe beoordeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling van de alimentatie en voorziening bij overlijden.