ECLI:NL:PHR:2001:AD3993
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt aansprakelijkheid ouders voor brandstichting door minderjarige
Op 22 september 1993 ontstond brand in de manege van het Ruitersportcentrum Terwinselen, vermoedelijk veroorzaakt door brandstichting door de toen 12-jarige [eiser]. De stichting en andere partijen vorderden schadevergoeding van de ouders van [eiser], die als wettelijke vertegenwoordigers werden aangesproken. De rechtbank en het hof achtten bewezen dat [eiser] de brand had gesticht en stelden de ouders aansprakelijk op grond van art. 6:169 BW Pro.
[Eiser] stelde in cassatie dat zijn bekentenis onrechtmatig was verkregen en betwistte de bewijswaardering. De Hoge Raad oordeelde dat het hof de bewijsbeslissing zorgvuldig had gemotiveerd, dat de bekentenis niet onrechtmatig was en dat het hof terecht de motivering van het bewijs had gegeven, inclusief de afwijzing van een deskundigenonderzoek. Ook de bezwaren tegen de tijdsaanduiding van de brand en het alibi werden verworpen.
De Hoge Raad bevestigde dat de materiële procespartij [eiser] is, dat de ouders aansprakelijk zijn als houders van de ouderlijke macht, en dat het cassatieberoep niet ontvankelijk was om de bewijswaardering te herzien. Het beroep werd verworpen en de aansprakelijkheid van de ouders voor de schade door brandstichting werd bevestigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van [eiser] wordt verworpen en de aansprakelijkheid van de ouders voor de brandstichting wordt bevestigd.