ECLI:NL:PHR:2001:AB1593
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens onvergund wijzigen van inrichting door in gebruik nemen afwijkend hogesnelheidsschip
Verdachte exploiteert een inrichting voor het behandelen van roll-on/roll-off passagiers- en vrachtschepen waarvoor sinds 5 april 1993 een vergunning geldt. Op 2 juni 1997 werd een nieuw hogesnelheidsschip, de Stena Discovery, in gebruik genomen, waarvoor verdachte een melding deed van aanpassing van de terminal. Na klachten over stank- en rookoverlast stelde de milieudienst vast dat een wijzigingsvergunning vereist was.
Het hof veroordeelde verdachte wegens overtreding van artikel 8, eerste lid, sub b, van de Wet milieubeheer, omdat het in gebruik nemen van de Stena Discovery een verandering van de inrichting en/of de werking daarvan opleverde zonder vergunning. Het hof motiveerde dat het schip qua constructie, rookuitstoot en werking sterk afwijkt van de schepen waarvoor de vergunning was verleend.
Verdachte voerde in hoger beroep aan dat de Stena Discovery ook een roll-on/roll-off schip is en dat er geen sprake was van een verandering van de inrichting. Dit verweer werd door het hof verworpen. De Hoge Raad bevestigde dat het hof terecht heeft geoordeeld dat het gebruik van een schip met een andere milieubelasting een vergunningplichtige verandering van de inrichting inhoudt. Klachten over rook- en stankoverlast ondersteunden deze conclusie.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling, waarbij werd benadrukt dat de vergunning niet alleen de inrichting maar ook de aard en omvang van milieugevolgen regelt. De melding van de ingebruikname door verdachte zelf impliceert erkenning van de wijzigingsvergunningplicht.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de veroordeling van verdachte voor het zonder vergunning veranderen van de inrichting door het in gebruik nemen van het hogesnelheidsschip Stena Discovery.