ECLI:NL:PHR:2001:AB1428
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Nietigheid verzekeringsovereenkomst wegens verzwijging door vertegenwoordiger makelaar
Bumblebee Limited sloot op 10 december 1987 een verzekeringsovereenkomst voor een motorjacht met Nieuw Rotterdam en andere verzekeraars. Later bleek dat de makelaar [B], die Bumblebee vertegenwoordigde, had verzwegen dat eerdere verzekeraars de verzekering hadden geweigerd vanwege het morele risico verbonden aan de directeur van Bumblebee.
Nieuw Rotterdam c.s. beriepen zich op nietigheid van de overeenkomst op grond van artikel 251 van Pro het oude Wetboek van Koophandel wegens verzwijging. Het hof oordeelde dat de wetenschap van de makelaar aan Bumblebee toegerekend moest worden en dat de verzwijging de nietigheid van de verzekeringsovereenkomst rechtvaardigde.
Bumblebee stelde in cassatie dat deze toerekening onterecht was en dat het hof het beginsel van hoor en wederhoor had geschonden. De Hoge Raad verwierp deze klachten en bevestigde dat de wetenschap van de vertegenwoordiger kan worden toegerekend aan de vertegenwoordigde, en dat het hof terecht de verzekeringsovereenkomst nietig heeft verklaard.
De Hoge Raad wees ook klachten over het ontbreken van een deskundigenbericht en het vermeende herstel van de beslissende eed af. De conclusie van de Procureur-Generaal was dat het cassatieberoep ongegrond is en dat het hof correct heeft geoordeeld.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat de verzekeringsovereenkomst nietig is wegens verzwijging die aan Bumblebee kan worden toegerekend via haar makelaar.