ECLI:NL:PHR:2000:AA8450
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt civiele terugvordering ondanks strafrechtelijke vrijspraak valsheid in geschrift
In deze zaak vordert de gemeente Delfzijl terugbetaling van bijstand die aan verzoekers is verleend over de periode 1990-1994, omdat zij hun inlichtingenplicht zouden hebben geschonden door werkzaamheden niet te melden. Hoewel verzoeker 1 strafrechtelijk is vrijgesproken van valsheid in geschrift, oordeelt de rechtbank dat de civiele terugvordering gegrond is omdat de werkzaamheden wel degelijk verricht zijn en hadden moeten worden gemeld.
De Hoge Raad bevestigt dat een strafrechtelijke vrijspraak niet bindend is in civiele procedures, omdat de bewijslast en het te bewijzen feit verschillen. In strafzaken moet schuld en opzet worden bewezen, terwijl in civiele zaken alleen het feit van het niet verstrekken van juiste inlichtingen relevant is. De rechtbank mocht het bewijsaanbod van verzoeker 1 niet passeren vanwege onvoldoende specificatie, wat de Hoge Raad corrigeert.
De Hoge Raad vernietigt de beschikking van de rechtbank en verwijst de zaak terug naar het hof Leeuwarden voor verdere behandeling. Het arrest benadrukt het belang van de civiele inlichtingenplicht en het verschil tussen strafrechtelijke en civielrechtelijke bewijsstandaarden.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking en verwijst de zaak terug naar het hof voor verdere behandeling.