ECLI:NL:PHR:1999:AA3883
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Uitleg en nakoming van voorovereenkomst betreffende stockoptie in beheersovereenkomst
Partijen sloten een beheersovereenkomst waarbij verweerster directeur werd van eiseres. In een brief van 6 februari 1990 werd een stockoptie regeling aangekondigd voor 5% van het aandelenkapitaal, met nadere uitwerking later. Eiseres verlengde meerdere malen de termijn voor effectuering, maar kwam niet tot een definitieve overeenkomst.
De rechtbank oordeelde dat de brief slechts een intentie tot regeling bevatte en wees de vordering af. Het hof stelde echter dat sprake was van een wederkerige voorovereenkomst die partijen verplichtte vóór 30 november 1990 een definitieve overeenkomst te sluiten. Het hof oordeelde dat eiseres wanprestatie pleegde door nakoming te weigeren en dat verweerster aanspraak had op schadevergoeding.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van eiseres, bevestigde de kwalificatie van de brief als een wederkerige voorovereenkomst en dat het hof de essentiële elementen van de stockoptie voldoende had vastgesteld. De zaak wordt terugverwezen voor deskundigenonderzoek naar de omvang van de door verweerster geleden schade door de niet-nakoming.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt wanprestatie van eiseres en verwijst zaak terug voor deskundigenonderzoek naar schadevergoeding.