ECLI:NL:PHR:1996:AA1829
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over verontreinigingsheffing zware metalen bij directe lozing op oppervlaktewater
X B.V. kreeg voor 1981 een aanslag opgelegd voor verontreinigingsheffing oppervlaktewateren door het Zuiveringsschap Hollandse Eilanden en Waarden. Na bezwaar en beroep werd vastgesteld dat het lozingspunt een zuiveringstechnisch werk was, maar het hof vernietigde de aanslag vanwege onduidelijkheid over de kosten die het Schap maakte voor de lozing van zware metalen.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof een onjuiste rechtsopvatting hanteerde door aan te nemen dat kosten voor zuivering van zware metalen zonder concrete bewijsvoering konden worden toegerekend. De Hoge Raad benadrukt dat het openbaar lichaam alleen bijdragen mag vorderen als het kosten van enige betekenis heeft gemaakt voor de lozing.
De zaak wordt terugverwezen omdat niet vaststaat dat het Schap kosten van betekenis heeft gemaakt voor de lozing van zware metalen. De Hoge Raad verduidelijkt ook dat het lozen via een afvalwaterzuiveringsinstallatie (awzi) kosten kan veroorzaken, maar dat hier sprake was van directe lozing zonder zuivering, waardoor de heffing niet gerechtvaardigd is zonder bewijs van kosten.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof wegens onjuiste rechtsopvatting en verwijst de zaak terug voor nieuwe behandeling.