Conclusie
Allereerstmist het in zoverre feitelijke grondslag dat requirant blijkens voormeld proces-verbaal slechts in het algemeen heeft gesteld: ‘’ik wil dat alle getuigen ter terechtzitting worden gehoord’’, welk verzoek blijkens een nadere exegese door de raadsman (er blijkt niet, dat requirant deze opvatting heeft bestreden) inhield, dat requirant getuigen wilde laten horen, die konden verklaren, dat requirant tempore delicti niet in Nederland was. Welnu (
en nu komt het tweede argument), de raadsman voegde daaraan het volgende toe: ‘’Deze getuigen moeten... uit Frankrijk komen. Een van die getuigen is overleden en de anderen verblijven illegaal in Frankrijk en kunnen niet getraceerd worden. Dit is derhalve onmogelijk. In de stukken zijn verklaringen van getuigen te vinden, die verdachte niet ontlasten. Dat zijn anonieme getuigen. Als zij voor een zitting worden opgeroepen, zullen zij er ongetwijfeld van af zien om ter terechtzitting te verschijnen uit angst voor represailles’’. Het komt mij voor, dat de Rechtbank onder deze omstandigheden het verzoek van requirant geredelijk als ingetrokken kon beschouwen.
de eedhebben afgelegd de gehele waarheid enz. te zeggen,
voorzover hieronder niet anders is vermeld, aldus te lezen, dat zij op de verderop staande vermelding nopens de door de getuige [getuige 2] afgelegde
belofteeveneens betrekking had.