Conclusie
naar maatstaven van redelijkheid en billijkheidniet langer aan het beding mag worden gehouden’’. Van die mogelijkheid kan echter in casu geen gebruik gemaakt worden, redeneerde het Hof, want de man treft — zo formuleer ik het even in mijn eigen woorden — alle verantwoordelijkheid voor de gang van zaken en had er in de huwelijksvoorwaarden van zijn tweede huwelijk ook rekening mee gehouden, terwijl naar het Hof vaststelt, overigens van gewijzigde omstandigheden niet blijkt. En dat het Hof die ‘’verantwoordelijkheid’’ voor de afweging van de omstandigheden naar redelijkheid en billijkheid in aanmerking mocht nemen lijkt mij met de vrouw niet voor betwisting vatbaar. Iemand zou zich bij oppervlakkige lezing nog kunnen afvragen waarom het Hof nochtans het naderhand werkloos worden van de man niet als een dergelijke bijzondere situatie in de zin van art. 159 lid 3 heeft Pro aangemerkt, maar in deze pas ten tijde van de procedure optredende calamiteit was nu juist door het convenant zelf voorzien.