ECLI:NL:ORBBNAA:2006:1
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Beschikking
- J.Th. Drop
- C.A.X.N. van Ballegooijen
- G.J. van Muijen
- Rechtspraak.nl
Vaststelling huurwaarde tweede buitenlandse woning voor inkomstenbelasting
Belanghebbende, woonachtig in Nederland, bezit een tweede woning op Bonaire die hij in 1995 heeft gekocht voor Naf 716.000. De Inspecteur stelde de bruto huurwaarde van deze woning vast op 8% van de koopprijs, oftewel Naf 57.280, terwijl belanghebbende uitging van een lagere leggerwaarde van Naf 664.000. Het geschil betrof de vraag of belanghebbende belastingplichtig is en op welk bedrag de huurwaarde moet worden vastgesteld.
De Raad oordeelde dat belanghebbende als buitenlands belastingplichtige de huurwaarde van zijn onroerend goed in de Nederlandse Antillen moet aangeven voor de Nederlandse inkomstenbelasting. De omstandigheid dat het onroerend goed geen huurinkomsten oplevert, doet hieraan niet af omdat het genot van het onroerend goed aanwezig is. Volgens vaste jurisprudentie is de huurwaarde van een tweede woning 8% van de verkoopwaarde.
De Raad vond de waardebepaling van de Inspecteur op basis van de koopprijs en de marktontwikkeling een juist uitgangspunt. Belanghebbende had de lagere leggerwaarde niet toegelicht. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting met huurwaarde van Naf 57.280 blijft gehandhaafd.