ECLI:NL:ORBBNAA:2004:BT7683
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Gijn
- Groeneveld
- Overgaauw
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aanslag inkomstenbelasting wegens onjuiste heffing WAO-uitkering
Appellante, woonachtig op Curaçao en gehuwd, ontving een Nederlandse WAO-uitkering die door de Inspecteur in haar belastingaanslag over 1996 werd betrokken. Appellante maakte bezwaar tegen deze aanslag en stelde dat de heffing onjuist was omdat haar inkomen lager was dan dat van haar echtgenoot.
De Raad van Beroep voor Belastingzaken oordeelde dat op grond van artikel 20 van Pro de Landsverordening op de Inkomstenbelasting het zuivere inkomen van appellante moest worden toegerekend aan haar echtgenoot. Hierdoor kon appellante niet zelfstandig worden belast over haar WAO-uitkering.
De Raad verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de aanslag. Tevens werd vastgesteld dat de Nederlandse Antillen een aftrek ter voorkoming van dubbele belasting moeten verlenen, aangezien de heffing aan Nederland was toegewezen.
De uitspraak bevestigt de toepassing van fiscale regelgeving omtrent de toerekening van inkomen binnen het huwelijk en de internationale aspecten van belastingheffing over sociale uitkeringen.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting over 1996 wordt vernietigd omdat de WAO-uitkering aan de echtgenoot moet worden toegerekend.