ECLI:NL:ORBBNAA:1987:BQ8610
Raad van Beroep voor Belastingzaken (Nederlandse Antillen en Aruba)
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.P.M. Houtman
- W.B. de Jong
- T.J.M. Kolfschoten
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1983 wegens onbelaste roerende goederen in verhuurde woning
Belanghebbende, gevestigd op Curaçao en werkzaam als office-manager, verhuurde in 1983 een woonhuis in Nederland voor tien maanden tegen een huur van 1.000 gulden per maand. Bij de aangifte werd een bedrag van 5.000 gulden opgegeven als opbrengst uit onroerend goed. De Inspecteur legde een navorderingsaanslag op waarin dit bedrag werd verhoogd, mede vanwege een administratieve fout omtrent AOV/AWW-restitutie.
Het geschil betrof de vraag of een deel van de huuropbrengst, toegerekend aan roerende goederen in het huis, belastbaar was. Belanghebbende stelde dat de opbrengst van roerende goederen niet belastbaar is en dat dit deel op 500 gulden per maand moest worden gesteld. De Inspecteur erkende dat opbrengsten uit roerende goederen niet belastbaar zijn, maar betwistte dat hier sprake was van verhuur van roerende goederen.
De Raad oordeelde dat uit de huurovereenkomst en het inspectierapport niet blijkt dat roerende goederen afzonderlijk werden verhuurd. De vermelding van stoffering en keukenapparatuur in de overeenkomst impliceert geen aparte verhuur van roerende goederen. De Raad kwam terug op een eerdere beschikking en stelde dat verhuur van een privéwoning met diplomatenbeding niet als bedrijf of beroep wordt beschouwd. Uiteindelijk vernietigde de Raad de navorderingsaanslag en beperkte het inkomen tot 93.395 gulden, rekening houdend met de correctie op de AOV/AWW-restitutie.
Uitkomst: De navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1983 wordt vernietigd en verminderd tot een belastbaar inkomen van 93.395 gulden.