Uitspraak
zitting houdende in Curaçao,
gemachtigde [A],
1.Het procesverloop
2.De tussen partijen vaststaande feiten
eenvan de partijen gesteld en door de andere partij niet of onvoldoende tegengesproken.
Raad van Beroep voor Belastingzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Belanghebbende, directeur en enige aandeelhouder van een N.V. die een detailhandel exploiteerde, kreeg navorderingsaanslagen opgelegd wegens onvolledige kasadministratie en verzwegen omzet. Tijdens een strafrechtelijk onderzoek bleek dat aanzienlijke bedragen uit de kas waren opgenomen en uitgeleend aan kinderen, zonder verwerking in de administratie.
Belanghebbende betwistte de aanslagen en stelde dat deze verjaard waren en onvoldoende waren gemotiveerd. De Inspecteur handhaafde de aanslagen en baseerde de correcties op een schatting van de winst met een gewogen brutowinstpercentage van 75%, vanwege ondeugdelijke kasadministratie en ontbrekende kasafslagen.
De Raad oordeelde dat het bezwaar en beroep ontvankelijk zijn omdat de Inspecteur de aanslagen niet had gemotiveerd. Verjaring werd verworpen omdat belanghebbende het bestaan van de belastingschuld erkende. De Raad stelde vast dat de kasadministratie ondeugdelijk was en dat de correcties terecht waren toegepast als winstuitdeling aan belanghebbende.
De beroepen werden ongegrond verklaard en de boete werd ambtshalve vernietigd. De navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie AVBZ werden gehandhaafd. De uitspraak werd gedaan door de Raad van Beroep voor Belastingzaken op 26 juni 2015.
Uitkomst: De beroepen tegen de navorderingsaanslagen worden ongegrond verklaard en de boete ambtshalve vernietigd.