ECLI:NL:ORBBACM:2015:21
Raad van Beroep voor Belastingzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Hoger beroep
- S. Verheijen
- G.J. van Muijen
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van vastgoedbelasting BES voor tweede woningen en ontvankelijkheid bezwaar
Belanghebbende, woonachtig in Nederland, kreeg aanslagen vastgoedbelasting opgelegd voor haar tweede woning op Bonaire over de jaren 2011, 2012 en 2013. Zij maakte bezwaar tegen deze aanslagen, die aanvankelijk niet ontvankelijk werden verklaard vanwege termijnoverschrijding. De Raad oordeelde dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was omdat de aanslagen niet waren ontvangen door belanghebbende.
Inhoudelijk stelde belanghebbende dat de heffing van vastgoedbelasting in strijd was met artikel 14 EVRM Pro in verbinding met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol omdat het een disproportionele last legt op eigenaren van tweede woningen. Ook verzocht zij om toepassing van een gebruiksfactor of kwijtschelding wegens feitelijk gebruik van slechts 180 dagen per jaar.
De Raad verwierp deze bezwaren omdat de wet geen onderscheid maakt tussen binnen- en buiten-BES-eilanden woonachtige eigenaren en omdat het EHRM een ruime beoordelingsmarge toekent aan de fiscale wetgever. Tevens is het aan de Minister van Financiën om de hardheidsclausule toe te passen, niet aan de Raad. De aanslagen werden daarom gehandhaafd, maar de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar werd vernietigd.
Uitkomst: De aanslagen vastgoedbelasting worden gehandhaafd, maar het bezwaar wordt alsnog ontvankelijk verklaard.