Uitspraak
Regeling Ambtenarenrechtspraak (RAr)
RAAD VAN BEROEP
Uitspraak
[Appellante},
23 april 2025, CUR202500052 (aangevallen uitspraak), in het geding tussen:
De Regering van Curaçao,
Procesverloop
Overwegingen
- 1. op 25 juni 2023 twee honden in strijd met de wet, het beleid en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur in te laten slapen;
- 2. buiten kantoortijd op 28 en 29 juli 2023 meerdere dozen, documenten, mappen en, op zijn verzoek daartoe, ook veterinaire medicijnen van het Hoofd uit het kantoor van de Veterinaire Dienst weg te nemen;
- 3. na te laten om melding te doen van ongeregistreerde nevenwerkzaamheden die het Hoofd binnen het gebouw van de Veterinaire Dienst onder werktijd verrichtte, die hoogstwaarschijnlijk in strijd waren met de integriteit, waarvan appellante kennis had dan wel had moeten hebben;
- 4. na te laten na haar schorsing op 4 mei 2024 haar werkzaamheden te hervatten.
Handelen in strijd met de LIKD?
Handelen in strijd met de Landsverordening dierenwelzijn?
Handelen in strijd met (intern) beleid?
Handelen in strijd met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur?
Bij het oordeel dat appellante niet heeft gehandeld in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel betrekt de Raad verder dat appellante voorafgaand aan haar beslissing op 25 juni 2023 om de honden te laten inslapen hierover telefonisch overleg heeft gehad met het Hoofd van de Veterinaire Dienst, die op die dag eindverantwoordelijk was, en hij met die beslissing kon instemmen. De Raad ziet geen grond om te oordelen dat appellante bij het nemen van de beslissing om de diren te laten inslapen misbruik van haar bevoegdheid als veterinair arts heeft gemaakt. Dit volgt reeds uit het hiervoor gegeven oordeel dat appellante haar beslissing om de honden te laten inslapen heeft genomen na een belangenafweging die de rechterlijke toets kan doorstaan.
Gelet hierop geeft de Raad partijen in overweging om zo spoedig mogelijk met elkaar in overleg te treden over de wijze van werkhervatting en de afwikkeling van aanspraken, waaronder de betaling van achterstallig loon.
Cg. 2.800.-, (1 punt voor indienen van bezwaarschrift en het beroepschrift, 1 punt voor verschijnen ter zitting bij het Gerecht en de Raad, met een waarde per punt van Cg. 700,- en wegingsfactor 1) te betalen door de Regering aan appellante.
Beslissing
vernietigtde aangevallen uitspraak;
-
verklaarthet bezwaar van Appellante
gegrond;
-
vernietigthet ontslagbesluit van 13 december 2024;
veroordeeltde Regering in de kosten van appellante tot een bedrag van Cg. 2.800,-.